Zoeken in deze blog

Wordt geladen...

PAINTINGS BY EMMY VERSCHOOR

VOOR EMMY

Voor Emmy

Zijn het pluimen of bladeren
die ontsnappen uit je binnenste hartkamer
of is het de gloed van de kleur van kloppend bloed
hunkerend naar de stilte van rimpelloos
Water?

Als haar handen vloeibaar worden
krijgt de piano vleugels op het doek
Een boom verbijt haar vergezicht
In de diepte luisteren wortels verrukt
naar de zachte braille van haar bestaan
Tuinen hangen van de wolken
omlaag, omhoog groeien vreemde bloemen
uit een ingebeelde notenbalk.

Guido Vermeulen
14 november 2011


Muziek bij de video: Claude Debussy

dinsdag 5 juni 2012

The time of witches



lieve Simonne,




Onze tijd is deze !


HEKSENTIJD




Ik meet de tijd af
aan de stilstand of de vooruitgang
van bestaande of ontbrekende weeswolken
omdat dit haast een onmogelijke oefening is.
Dus, tijd bestaat niet echt
of kan je niet insluiten in sobere longen of
in het makke keurslijf van opgedrongen spijt of schuldbesef.


In de woelgang van de opgelegde zonde klinkt de woede van een schreeuw
haast even onvoorspelbaar en bedreigend
als de roep van het verdwaalde landschap,
als de bevroren stilstand van een gebroken weg
in een rood geblakerd korenveld, in het graan van het twijfelende zwijgen.


Het dorp verkracht de stad en niet omgekeerd!
Zo leggen vele bomen uit, gerooid voor en door de tractor van de boer.
De eenzame beer in het café drinkt een onsmakelijk pilsje tot hij plots buitensnelt
om zijn parkeerschijf te verschuiven voor alweer twee uur van onbetaalbare
wolkenstilte.


Mijn bevroren schouderbout is erg pijnlijk
maar niet zo dodelijk zelfverzekerd als de ingeplante zetpil
in mijn hoofd van een veelvoud aan holle regeringsmededelingen.


Het ergste verlies is niet die van een aftakelende geliefde
maar het zieltogen van de opgeslagen humor in een uitdovende stem.
Gelukkig is er nog het springende wipvogeltje
op het uiteinde van wederzijdse tongen,
de achtergelaten veertjes klevend aan de huig
terwijl hij hijgend stijgt om de wolken te vervoegen,
terwijl zij met de duidelijkheid van riet bekrachtigd:


Ik ben de donderslag op donderdag.
Jij bent de bliksem in het ingeslapen oog.
Hij is de aarden weg die onvindbaar is op stafkaarten.
Wij zijn de wolkenspiegels in het maanwater op een maandag.
Jullie zijn de luchtbellen van geboren onschuld.
Zij zijn de regendruppels hangend aan een huiverend plafond.


Ik peuter duizelig uit mijn neus de peuters
van de liefde voor het immer zuinige zijn.


Droefheid, lief, is geen wolkje of spatje op je witte jurk
want werd ooit zeer vakkundig opgeslokt en weg gewassen
door de wijze heksen in helaas nu verdwenen bossen.


De shaduw, oh de schaduw
leunend, duwend, spuwend
op ons hemeltergend bestaan.


GV
voor SP
Juni 2012


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen